Wat zijn de voordelen van een tubeless band?

Tubeless banden bieden duidelijke voordelen op het gebied van snelheid, comfort, grip en bescherming tegen lekrijden. Doordat er geen onnodige wrijving tussen band en binnenband ontstaat, neemt de rolweerstand aanzienlijk af en wordt deze veel lager dan bij vouwbanden of tubes.

Tubeless banden zijn te gebruiken met een lagere bandenspanning zonder dat dit de prestaties beïnvloedt. Dit levert duidelijke voordelen op voor het comfort en daarnaast geeft het meer controle in lastige situaties en op slechte wegen/trails. Bovendien ben je met tubeless systemen uitstekend beschermd tegen lekrijden. De kans op een klapband is vele malen kleiner. Ook hoef je niet meer bang te zijn voor een plotseling verlies van spanning door een gebarsten binnenband of een afgescheurd ventiel. Daar komt nog bij dat tubeless systemen uitstekend te combineren zijn met vloeistoffen die beschermen tegen lekrijden. Lekke banden worden binnen milliseconden gerepareerd.

Meer informatie

Is tubeless voor iedereen?

De voordelen zijn vooral interessant voor sportieve rijders die optimale prestaties neer willen zetten. Het systeem is technisch complex en de standaard voor de beste wielen is nog in ontwikkeling. Als je gewoon een band wil die elke dag zorgeloos zijn werk doet, is de Marathon Plus de beste keus. Als je de snelste band wil met de beste prestaties, moet je voor tubeless gaan.

 

Hawaii 2018. Patrick Lange. De snelste wereldkampioen Ironman aller tijden rijdt tubeless.
Wat heb je nodig om een band zonder binnenband te monteren?
  • Schwalbe tubeless banden
  • Luchtdicht tubeless wiel (of tubeless-ready wiel en tubeless velglint)
  • Tubeless ventiel
  • Antilekvloeistof (bijv. Schwalbe Doc Blue)
  • Montagevloeistof (bijv. Schwalbe Easy Fit)
  • Voetpomp met drukmeter
  • Een poetsdoek

 

Een compressor of de Schwalbe Tire Booster kan heel handig zijn als het oppompen problemen geeft.

 

Je moet vertrouwd zijn met de montageprocedure of anders de installatie overlaten aan een expert.

 

Waar moet je bij de montage op letten?

Leg de band zoals gewoonlijk om de velg. Wees voorzichtig met bandenlichters. Belangrijk: breng montagevloeistof (Easy Fit) aan op beide hieldraden voordat je de band oppompt (1). Zorg dat het ventiel tijdens het opppompen tussen de hieldraden zit (2). Begin het pompen met een stoot lucht (voetpomp, compressor of tire booster) (3). Je kunt horen hoe de band aangrijpt op de velg. Gebruik de buitenrand van de velg om te controleren of de band goed op zijn plek zit (4).

Laat de band leeglopen. Verwijder het ventielinzetstuk (ventielsleutel zit bij Doc Blue) en giet er 60 ml antilekvloeistof in (5). Voor racefietsen is 30 ml genoeg.

Het afdichtproces is pas voltooid als je met de band gereden hebt en het karkas volledig bedekt is met antilekvloeistof. Controleer de spanning en pomp de band na 24 uur opnieuw op.

 

Houd je strikt aan de aangegeven maximale luchtdruk van de band en velg!

 

Gebruik geen CO2-patronen. CO2 heeft een negatieve invloed op de antilekvloeistof.

 

Wees voorzichtig met de antilekvloeistof. Het zorgt snel voor blijvende vlekken op kleding, meubels of de vloer.

 

Moet ik de antilekvloeistof inbrengen via het ventiel?

Nee, je kunt het antilekvloeistof direct in de band spuiten voordat je de tweede hieldraad monteert. Vullen via het ventiel heeft als voordeel dat je 'schoner' werkt. De melk wordt pas aangebracht zodra de band vastzit op de velg. Dit is vooral handig als je niet weet of je band-velgcombinatie goed zal werken.

Bij gangbare combinaties is het sneller om de antilekvloeistof er direct in te gieten. Als je een ventiel gebruikt zonder uitneembare ventielinzetstuk, dan is vullen via het ventiel toch al onmogelijk.

Waarom heb ik antilekvloeistof nodig?

Tubeless Easy banden zijn niet volledig luchtdicht. Je hebt de antilekvloeistof nodig om er zeker van te zijn dat ze luchtdicht zijn. Een antilekvloeistof werkt hiervoor effectiever dan een ondoordringbare butylrubberen laag.

Echte Tubeless banden, zoals je die misschien eerder hebt gehad, werkten in theorie zonder antilekvloeistof. Maar ze waren veel zwaarder en in de praktijk maakten de meeste rijders toch gebruik van een antilekvloeistof. Uiteindelijk was het alleen de antilekvloeistof dat het systeem betrouwbaar genoeg maakte voor regelmatig fietsen.

Bovendien zorgt de combinatie van Tubeless Easy banden en Doc Blue voor uitstekende bescherming tegen lekrijden en heeft de antilekvloeistof geen negatieve uitwerking op de rolweerstand.

Antilekvloeistof dicht lekke banden.
Hoe vaak moet ik de afdichtvloeistof bijvullen of vernieuwen?

Doc Blue blijft ongeveer 2000 km of 2-7 maanden werken ter voorkoming van lekke banden. De duur van deze periode hangt sterk af van de temperatuur. Na deze tijd droogt de antilekvloeistof op tot een rubberlaag of valt het uiteen in losse bestanddelen (zoals bijvoorbeeld korrels latex en vloeistof).

Zodra het systeem luchtdicht is, hoef je helemaal geen antilekvloeistof meer bij te vullen. Uiteraard werkt de extra bescherming tegen lekrijden alleen als er nog actieve antilekvloeistof in de band zit. We raden aan om voorafgaand aan een wedstrijd of langere tocht het antilekvloeistof na te kijken en bij te vullen.

Als je het extra gewicht niet erg vindt, kun je ook gewoon antilekvloeistof toevoegen.

Met een naald kun je eenvoudig nagaan of het antilekvloeistof nog werkt. Prik gewoon in de band en laat het wiel ronddraaien. Als het gat niet wordt gedicht, is het tijd om bij te vullen. Het 'testgat' wordt door de nieuwe antilekvloeistof gerepareerd.

 

„Korrels latex“. Soms blijft er van het antilekvloeistof een vreemde substantie achter in de band.
Wat moet je doen als het oppompen van de band niet lukt?

Bij het monteren van Tubeless banden is het oppompen vaak het grootste probleem. Dit geldt vooral voor vrij klassieke velgvormen, waarvan het ontwerp niet goed geschikt is voor tubeless en er tijdens het oppompen vaak lucht ontsnapt tussen de hieldraad en de velg. Je kunt de volgende trucs gebruiken:

 

■ Zorg dat het ventiel tussen beide hieldraden zit, zodat de lucht de band in wordt geblazen.
■ Gebruik montagevloeistof. Dit helpt om de hieldraden makkelijker naar de juiste positie te schuiven. In noodgevallen kan ook zeepsop goed werken.
■ Verwijder het ventielinzetstuk voor een betere luchtstroom.
■ Wanneer de band te ruim op het velgbed zit, kan een extra laag velglint helpen om de velgdiameter iets te vergroten.
■ Als het tubeless velglint oud of kapot is of diepe kuiltjes heeft bij de spaakgaten, moet je nieuw tubeless velglint aanbrengen.
■ Monteer eerst een binnenband in de band en laat deze 24 uur zitten om de hieldraad op te rekken tot de juiste vorm.
■ Gebruik bij zeer stugge exemplaren een compressor of de Schwalbe Tire Booster.

Schwalbe tubeless velglint en tubeless ventiel. Hiermee is het niet meer noodzakelijk om voor de conversie in nieuwe, dure wielen te investeren.

Wat kan er verder nog misgaan?

Lekken kunnen uiteraard ook ontstaan bij het ventiel of bij de velg. Om die te vinden moet je het hele wiel onder water houden of als je geen bak hebt die groot genoeg is om het hele wiel in te doen, besproei je het wiel met zeepsop. Als er een lek is, komt er lucht vrij bij het ventiel en/of de spaaknippels. Dit kan even duren, want eerst moet de druk in de velgholte zich opbouwen. Vaak zit het probleem in de buurt van het ventiel. Mogelijke oplossing: draai de ventielmoer aan, reinig en ontbraam het contactvlak ventiel/velg, vervang het ventiel en vervang het tubeless velglint. Als dit alles niet helpt, kan het zijn dat de velgnaden beschadigd zijn of er zit een barst in het velgbed.

Vaak komt een lek in een tubeless systeem doordat de antilekvloeistof vóór het vullen van de band (of vóór het overgieten van een grote fles naar een kleine fles) niet voldoende geschud is. Daarom kunnen veel problemen worden verholpen door een nieuwe, goed geschudde fles Doc Blue te gebruiken.

Geschud. Niet geroerd. Schud het antilekvloeistof vóór gebruik altijd goed.
Wat is een Tire Booster?

Voor het oppompen van een tubeless band heb je een krachtige stoot lucht nodig. Helaas is een voetpomp niet geschikt voor alle wielen en hebben maar weinig mensen thuis een compressor. De Tire Booster is de oplossing. Het is in feite een druktank die je met een voetpomp kunt vullen tot 11 bar. Vervolgens kun je de samengeperste lucht met één stoot in de band pompen. Hiermee zullen zelfs de moeilijkste combinaties van band en velg kunnen worden opgepompt.

Hoe gebruik je de Tire Booster?

(1) Reinig de band en velg. (2) Leg de band om de velg op de gebruikelijke manier. Smeer beide hieldraden in met montagevloeistof voordat je de band oppompt. Het ventiel moet zich tijdens het oppompen tussen de hieldraden bevinden. (3) Draai de ‘Air Valve’ op de Tire Booster naar de stand GESLOTEN. (4) Zet de pompkop van de Tire Booster op het ventiel. Je kunt de luchtstroom naar de band toe versterken door de adapter te gebruiken. Verwijder gewoon je huidige ventielinzetstuk, draai de adapter op de pompkop van de Tire Booster en schroef ze samen op de ventielschacht. (5) Vul de Tire Booster met je voetpomp (max. 11 bar). (6) Open de ‘Air Valve’. Je hoort dan de band op zijn plek om de velg ploppen. (7) Kijk de buitenrand van de velg na om te zien of de band goed op zijn plaats zit. Als hij nog verder moet worden opgepompt, kun je dit met de Tire Booster doen (de ‘Air Valve’ moel wel in de stand open staan). (8) Verwijder de pompkop van de Tire Booster. Voeg indien nodig antilekvloeistof aan de band toe (bijv. Doc Blue Professional) en pomp de band opnieuw op.

 

  • Houd je aan de maximale luchtdruk voor de band en velg.
  • Houd je aan de maximale luchtdruk voor de Tire Booster: 11 bar.
  • Vul de fles nooit met een compressor.
  • Gebruik geen kapotte fles, band of velg.
  • Spuit geen perslucht in ogen of gezicht.
  • Voordat je de ‘Air valve’ openzet: zorg dat de pompkop stevig vastzit aan het ventiel van je wiel.
  • Houd de fles buiten direct zonlicht. Vermijd temperaturen lager dan -15°C (5°F) en hoger dan +50°C (120°F).
  • Bewaar de Tire Booster altijd met de ‘Air Valve’ open.

 

Wat voor wielen zijn geschikt voor tubeless?

files/schwalbe/userupload/Images/FAQ/FAQ Detailseite/ausrufezeichen.jpgVanwege de veiligheid mag je alleen wielen gebruiken die door de fabrikant goedgekeurd zijn voor tubeless.

 

Dit is vooral belangrijk voor een racefietssysteem met hoge druk. De beste keus is een wiel dat voldoet aan de nieuwste ETRTO Road Tubeless-norm. Deze norm bestaat pas sinds 2018 en Schwalbe was nauw betrokken bij de totstandkoming. Concrete specificaties voor de velgschouder en velgbed garanderen zorgeloze montage en eenvoudig oppompen met een voetpomp.

 

ETRTO Road Tubeless-norm. Bredere velgen voor Tour of Offroad hebben hetzelfde ontwerp met iets andere afmetingen.

 

 

Tip: De schouderdoorsnede van het wiel is de doorsnede gemeten van schouder tot schouder. Deze komt overeen met het ETRTO cijfer na het liggend streepje. Bij Schwalbe racebanden bijvoorbeeld: 28-622.

 

 

Veel wielen waarvan beweerd wordt dat ze tubeless of tubeless ready zijn, voldoen nog niet aan deze norm. Je kunt er evengoed tubeless banden op monteren, maar bereid je erop voor dat de montage moeilijker verloopt. Vaak heb je voor het oppompen een compressor of de Tire Booster nodig.

Hier vind je een lijst met racewielen waarvan we de veiligheid, montagevriendelijkheid en het oppompen hebben getest.

 

Tubeless montage is meestal onmogelijk op zeer smalle velgen (13C), zeer goedkope velgen en velgen met gedopte gaten. In die gevallen is het meestal niet mogelijk om de velgen met het velglint luchtdicht af te sluiten.

Wees voorzichtig met velgen met een lage velgrand  (ruim onder de ETRTO-norm) of carbonvelgen zonder velgrand. Daarmee is de kans groot dat de band van de velg schiet. Sommige van dit soort velgen werken prima met de juiste spanning, maar je moet je precies aan spanningsindicatie van de wielfabrikant houden, ook als die ruim onder de maximale bandenspanning ligt.

 

Wat moet ik weten over het velglint en ventiel?

Er zijn maar weinig velgen die luchtdicht uit de fabriek komen. Normaal heb je speciaal velglint nodig om ze luchtdicht af te sluiten.

Schwalbe Tubeless velglint is volledig bestand tegen hoge druk en warmte. Eén laag velglint is meestal voldoende. Voor velgen met een geringere schouderdiameter is een tweede laag raadzaam om de band beter te kunnen oppompen.

Denk erom dat alle spaakgaten volledig door het velglint zijn afgedekt. Het is het beste als het velglint het hele velgbed bedekt. Het past vaak het best als het velglint 2-4 mm breder is dan de officiële velgbreedte (die gemeten wordt van rand tot rand).

Het velgbed moet voor de montage helemaal schoon en glad zijn. Verwijder oude lijm en vetresten met een remmenreiniger. Rek het velglint tijdens het aanbrengen op om bellen te voorkomen. Laat de uiteinden van het velglint 5-10 cm overlappen. We raden je aan het overlappende deel niet in de buurt van het ventiel te plaatsen.

Het Schwalbe tubeless ventiel is gemaakt van aluminium en zeer licht. De kegelvormige ventielvoet is verstevigd met metaal en past op vrijwel alle velgen. Je drukt gewoon het tubeless ventiel, in de gesloten stand, met de punt door het velglint heen.

Hoewel wielrenners er geen fan van zijn, moet je als je tubeless rijdt altijd de ventielmoer gemonteerd hebben, anders zit het ventiel niet veilig aan de velg vast. De ventielmoer van het Schwalbe tubeless ventiel is beschermd tegen verbuiging, zodat het ventiel niet ongewild loskomt tijdens een rit.

 

Wat doe je als je lekrijdt?

Lekken worden tijdens het rijden automatisch hersteld door Doc Blue. Belangrijk: blijf doorrijden of druk het gedeelte met het lek tegen de grond. Door het buigen werkt de antilekvloeistof beter.

Houd het lek niet aan de bovenkant.

 

Bij grote insnijdingen of snake bites werkt de antilekvloeistof mogelijk niet. In deze gevallen is een reservebinnenband nog steeds de beste oplossing. Je verwijdert gewoon het tubeless ventiel en veegt vóór het installeren de antilekvloeistof weg. Eventueel in de band achtergebleven antilekvloeistof kan geen kwaad voor de binnenband.